Review Canyon Strive

Na ruim een jaar op de Canyon Strive, wordt het tijd voor een review. Een tripje Schotland, een week The Blast in Spanje en ontelbare ritten door de Ardennen en het Limburgse Heuvellandschap: de afgelopen 12 maanden bevatten genoeg kilometers en hoogtemeters om een gedegen oordeel te vellen.
TEKST EN FOTO’S: MICHEL ROMEN
 
Mijn ‘werkpaardje’ van het afgelopen seizoen is de Canyon Strive 9.0 SL. Een enduromachine met alles erop en eraan, en bovendien een pluimgewicht van 13,5 kilo. Shimano XTR-derailleurs en shifters, Fox voorvork en schokdemper met Kashima-coating, carbon stuur en crankstel van RaceFace en Mavic Crossmax SX-wielen: qua specs heeft men niets aan het toeval overgelaten. Wie deze fiets vorig jaar online bestelde, betaalde daar 3699,- euro voor. En daarmee krijg je veel fiets voor je geld.
 

Frame en vork

De Strive 9.0 SL is opgebouwd rondom het aluminium Strive-frame. Dit bestaat uit buizen die door hydroforming een ‘organische’ vorm kregen met fraaie rondingen. Ook de staande- en liggende achtervorken hebben een specifieke vormgeving, die optimaal op de belasting van het frame is afgestemd. Het achterframe is gebaseerd op een ‘faux-bar-linkage’. Dit is geen typfout, maar de benaming voor een four-bar-linkage waarbij de as van het achterwiel direct roteert rondom het hoofddraaipunt. Er is dus bij een faux-bar-linkage geen draaipunt op de liggende achtervork (een ‘Horst-Link’). Middels de Climb/Trail/Descent-knop laat de Fox Float-schokdemper zich gemakkelijk aan de omstandigheden aanpassen.
 
 
De matzwarte afwerking typeert het karakter van het frame: onopvallend goed. Zeker in de ‘Descent’-modus ligt de trapas vrij laag, wat de fiets enorm stabiel en wendbaar maakt. Bergop voelt de Strive aardig efficiënt, natuurlijk vooral in de ‘Climb’-stand. De oversized buizen en X12-steekas zorgen voor voldoende stijfheid, en schokken worden efficiënt opgevangen door de schokdemper. Samen met de Kashima-coat zorgt een naaldlager in de ophanging van de demper voor 160 soepele millimeters veerweg zonder noemenswaardige slijtage. Ondanks de nodige ‘abuse’ is er geen speling opgetreden in de lagers van het achterframe. Eén minpuntje aan het frame komt alleen in de winterse bagger aan het licht: rondom de trapas hoopt zich soms veel modder op.
Ook de voorvork is voorzien van een Kashima-coating. De Fox 34 met 160mm veerweg heeft een Talas-niveauverstelling aan boord. Hoewel ik hier gemengde verhalen over hoor, heb ik regelmatig gewisseld tussen 120 en 160 veerweg zonder enig probleem. Het voorwiel moest geregeld worden gedemonteerd vanwege vervoer, iets wat met de 15mm steekas gelukkig een fluitje van een cent is.
 

Componenten

Over die wielen gesproken: de Mavic Crossmax SX wielset is mooi, licht en loeistijf. Wat mij echter verbaasde was dat er na enige tijd speling in de achternaaf optrad. Even aandraaien van een ring aan de buitenkant van de naaf leverde verbetering, maar desalniettemin jammer dat dit bij deze (verder overigens subliem gefabriceerde) wielen voorkomt. De Maxxis Minion DHF 2.5” voorband is waanzinnig: hij heeft veel bochtengrip en zorgt voor enorm veel vertrouwen. Gelukkig is de Minion in de plaats is gekomen van de Maxxis Ardent, die vorig jaar wel nog op sommige voorwielen te vinden was. Standaard wordt de Strive 9.0 SL wel voorzien van een Ardent 2.4” achterband. Door omstandigheden heb ik de fiets met een afwijkende achterband gereden (Schwalbe Big Betty), dus hierover geen commentaar.

De aandrijflijn heeft het zwaar te verduren gehad. Een jaar met veel kilometers en modder enerzijds, en weinig onderhoud anderzijds, is een regelrechte marteling voor de kettingbladen, cassette en kabels. Voor de XTR-derailleurs en shifters was het geen probleem, die bewegen nog soepel en met minimale speling. De kabel naar de achterderailleur heeft echter op een gegeven moment een tik gekregen, waardoor hij niet meer soepel loopt en schakelen moeilijk wordt. De ‘clutch’ op de achterderailleur is wel een aangename toevoeging. De ketting blijft goed strak en stil onder alle omstandigheden. Van tevoren was ik erg benieuwd hoe het carbon RaceFace Sicx-crankstel het zou doen. Carbon staat voor mijn gevoel nog als kerf- en crashgevoelig te boek. De praktijk blijkt gelukkig heel wat beter, want ondanks regelmatige encounters met stenen zijn de cranks nog kaarsrecht en vallen de beschadigingen mee. De gemonteerde RaceFace-bashring zorgde meer dan eens ervoor dat de kettingbladen intact bleven. Die zou wat mij betreftop elke endurofiets standaard mogen worden gemonteerd.
 
 
Bij de remmen was er geen enkele aanleiding om te klagen. Avid’s X0 Trail-remmen deden onder alle omstandigheden probleemloos hun werk. De remklauwen met 4 cilinders hebben, zeker in combinatie met de 180/200mm schijven, remkracht zat. In één seizoen heb ik 2 sets gesinterde remblokken opgereden; een kwestie van slijtvaste remblokken of weinig remmen?
 
 
De overige componenten lieten ook al weinig te wensen over. De RockShox Reverb Stealth-zadelpen is simpelweg de referentie op dit gebied, en heeft een seizoen zonder enig onderhoud doorstaan. De RaceFace Turbine-stuurpen heeft met 60mm precies de juiste lengte, en houdt het carbon RaceFace Sixc-stuur stevig in zijn greep. Aangenaam stijf trouwens, dat stuur. Hier merk je duidelijk dat de techniek de afgelopen 5 jaar vooruit is gegaan. Het had hooguit wat breder mogen zijn dan de 720mm die het nu meet. De grips van Ergon en het SDG-zadel zijn tenslotte comfortabele contactpunten tussen rijder en machine.
 
 

Conclusie

Even heel eerlijk: mijn mening over Canyon is natuurlijk enigszins gekleurd. Enerzijds omdat Canyon me uitstekend ondersteunt bij mijn rol in diverse MTB-initiatieven en bikemedia. Anderzijds omdat ik simpelweg groot fan ben van het merk en van alles wat ze op de markt brengen.
Maar een gekleurde mening of niet, het is moeilijk om iets aan te merken op de Canyon Strive 9.0 SL. Zeker in verhouding tot zijn prijs. Het frame gaf geen krimp, ondanks alle radicale rockgardens die het heeft meegemaakt. En componenten die niet passen bij ruw endurogebruik, zouden bij beproevingen zoals The Blast in Spanje onmiddellijk door de mand vallen. Goed om te zien dat Canyon voor modeljaar 2014 de voornaamste features (frame, wielen, bandenkeuze, veel componenten) heeft behouden. Dit jaar zijn de 2 topmodellen uitgerust met een 1×11-groep, wat ook mijn weapon of choice zou zijn voor elke enduro-challenge. Al met al is de Strive een zeer uitgewogen machine die zonder twijfel aan de cutting edge van het endurosegment staat.