4+1 tips voor tractie in de modder

Rijden in de modder is niet alleen leuk, het zijn ook prima omstandigheden om aan je rijtechniek te werken. Op een gladde ondergrond kom je sneller aan je grenzen en moet je nog scherper zijn in je fietsbeheersing. Hoe houd je de fiets bijvoorbeeld in bedwang (en in beweging) op een glibberige klim?

Bandengrip is essentieel bij het besturen en beheersen van je mountainbike. Met voldoende grip stuurt, accelereert en remt je fiets voorspelbaar. Naast de bodemgesteldheid en het profiel (en materiaal) van je banden, is grip een kwestie van druk zetten. Hoe krachtiger een wiel aan de grond wordt gedrukt, hoe groter de bandengrip wordt. Die neerwaartse kracht kun je in de eerste plaats bereiken met een gewichtsverplaatsing: door je gewicht naar voren of naar achteren te verplaatsen kun je het voorwiel cq. het achterwiel belasten. Zet je echter te weinig gewicht op een van de wielen, dan zal dit grip verliezen of zelfs van de grond komen.

Klimmen

Een modderige beklimming kan weleens ontaarden in een glijpartij. Je hebt in de eerste plaats tractie nodig: alleen als de achterband grip heeft, kun je bergop vooruitkomen. Maar hoe behoud je onder alle omstandigheden die tractie?

Tip 1: Begin met de juiste houding

Zorg om te beginnen dat je de juiste klimhouding aanneemt. Ga op het zadel zitten, schuif een stukje naar voren op het zadel en druk je ellebogen omlaag voor een lage, stabiele positie.

Tip 2: Trap vloeiend

Maak vloeiende trapbewegingen en ga niet “stampen”. Door een onregelmatige pedaaltred versnelt en vertraagt de fiets telkens, waardoor je achterband gemakkelijk grip verliest. Iets meer nadruk op de neergaande pedaalbeweging mag (hiermee breng je ook meer druk op het achterwiel) maar zorg voor een constante aandrijfkracht.

Tip 3: Blijf zitten

Blijf zitten op het zadel en ga niet staan op de pedalen! In een staande houding gaat je zwaartepunt omhoog en naar voren op de fiets, wat de stabiliteit en de druk op het achterwiel niet ten goede komt.

Tip 4: Breng je gewicht verder omlaag en naar achteren

Voor de meest extreme situaties moet je zwaartepunt zo ver mogelijk omlaag en naar achteren. Zo creëer je maximale druk op het achterwiel, en dus grip. Breng hiervoor je bovenlijf nog dichter bij het stuur, en schuif voorzichtig wat naar achteren op het zadel. Zoek de grens op waarbij je het voorwiel nog net aan de grond houdt. In die positie weet je zeker dat je de maximale druk op het achterwiel hebt. Elke millimeter die je verder omlaag en naar achteren kan gaan, levert extra grip op.

Bonustip: Gebruik je dropper!

Heb je een dropperpost, dan kun je het zadel een stukje laten zakken en nóg iets verder op het zadel naar achteren schuiven. Het zal je verbazen, maar vaak is dit net genoeg om in “tank modus” te komen en je stabiliteit en bandengrip een boost te geven. 

Wees wel spaarzaam met dit trucje: veelvuldig klimmen met een te laag zadel kan op termijn tot knieklachten leiden.

Onder modderige omstandigheden bereik je gauw genoeg de grenzen van je bandengrip. Dit zijn uitstekende momenten om je rijtechniek bij te slijpen en je eigen grenzen op de mountainbike te verruimen!

TEKST & FOTO'S: MICHEL ROMEN